Het oppervlak lijkt weliswaar glad en gelijkmatig gespoten, maar het mist glans.
Oorzaak
Microscopische ruwheid van het oppervlak, ontstaan door:
- Onvoldoende afsluitend vermogen van de primer, of de aflak aangebracht over een primer die niet volledig droog is.
- Slechte kwaliteit of onjuiste verdunner, of het gebruik van additieven in de lak.
- Onjuist voorbereide of slecht aangebrachte lak.
- Aflakken op een slechte ondergrond
- Te langzame droging door hoge luchtvochtigheid of lage temperatuur.
- Oplosmiddeldampen of uitlaatgassen die het oppervlak aantasten.
- Oppervlaktevervuiling door was, vet, olie, zeep of water.
- Het gebruik van sterke reinigingsmiddelen op een pas gespoten oppervlak, te snel na het spuiten polijsten met compound of een te grove compound gebruiken.
Preventie
- Gebruik een goedgekeurde primer en laat deze volledig drogen vóór het aanbrengen van de aflak.
- Gebruik uitsluitend de aanbevolen verdunner en goedgekeurde additieven.
- Roer de lak grondig door en spuit onder de juiste omstandigheden met correcte spuittechniek.
- Bereid de ondergrond zorgvuldig voor.
- Zorg dat de lak onder warme, droge omstandigheden droogt.
- Zorg tijdens het drogen voor goede, tochtvrije luchtstroming over de oppervlakken.
- Neem de grondlaag met oplosmiddel af en laat volledig drogen vóór het aanbrengen van de aflak.
- Vermijd sterke reinigingsmiddelen op nieuw gespoten oppervlakken. Polijst pas als de lak volledig is uitgehard en gebruik altijd de juiste grofheid compound.
Herstel
In de regel is de glans te herstellen door te polijsten met een schurende compound en daarna op te glanzen. Is de dofheid te ernstig, schuur de aflak dan terug en spuit opnieuw.
